2

De bus zet me ergens in the middle of nowhere af en vanaf daar is het nog anderhalve kilometer lopen naar het klooster. Onderweg passeer ik mooie rivierbeekjes, hoge bergen en veel groen. Er daalt een bepaalde rust over me heen, al ben ik ook nerveus voor dat wat komen gaat. Vandaag ben ik onderweg naar een klooster om een week in stilte door te gaan brengen. Wat Tam Wua ligt in een prachtig natuurrijk gebied tussen hippiedorp Pai en Mae Hong Son aan de grens met Myanmar.

Wanneer ik de poort doorloop wordt ik begroet door twee vriendelijk lachende monniken. Ze stralen een warm welkom uit. Een van hen brengt me naar de meditatiezaal waar op dat moment het lunchriueel plaatsvindt. Na de lunch word ik door een van de zusters naar mijn persoonlijke hutje, oftewel een kuti, gebracht. Ik mag mijn outfit voor die week ophalen. Met twee witte broeken en twee witte blouses is mijn nieuwe garderobe compleet.

De middagmeditatie die volgt bestaat uit een loopmeditatie, gevolgd door een zitmeditatie en eindigt met een ligmeditatie. Ik voel me goed maar nog wat onwennig en tijdens de ligmeditatie val ik in slaap. Iets wat niet helemaal de bedoeling is maar vrij moeilijk te voorkomen na veel reizen, vrolijk fluitende vogels en een fijn kabbelend beekje op de achtergrond.

Gedurende de dagen dwaal ik door de grootse en weidse tuin rondom het klooster. Ik kijk naar mijn gedachten en tegelijkertijd naar de immense regenbuien die vallen. De monniken, zusters en de twintig andere reizigers lijken allen zo rustig. Of komt het door deze omgeving dat alles er ineens een stuk vrediger uitziet? Tussen de buien door klussen we. De mannen leveren stenen aan, de vrouwen laden de stenen uit. Het blijkt dat we stenen verzamelen voor een nieuwe dam: door de vele regen van dit seizoen lopen de paden onder. Het sjouwen en uitladen vindt ook plaats in stilte. Een stilte die ik als steeds fijner ga ervaren. Waarom moet altijd alles toch gepaard gaan met woorden? Ze lijken nu zo leeg en letterlijk nietszeggend. Zien we elkaar eigenlijk niet beter als we alleen maar kijken?

Tijdens de avondmeditaties in het donker raak ik meerdere malen in een lichtelijke paniek. Wanneer de lichten uit gaan lig ik vaak nog lang wakker en raast er een wervelwind door mijn hoofd. Mijn emoties schieten alle kanten op, gedachten zijn troebel en soms wil ik niets liever dan vertrekken. En niet alleen in mijn hoofd is het druk. Ook de kakkerlakken naast me vermaken zich uitstekend.

Wanneer ik over de helft ben is het heel af en toe rustig in mij. Ik ervaar intense trips tijdens de meditaties waarin ik mezelf dan weer verlies en waarnaar ik ga verlangen tijden volgende meditaties… Het ego laat zich niet makkelijk stillen. Op andere momenten is het druk in mijn hoofd met werk, angst voor eenzaamheid, relaties, toekomst, wonen. Maar ook tijdens de drukte voelen mijn gedachten helder en fris en blijf ik bewust doorademen. Er is ruimte en tijd om alles voorbij te laten komen.

Het leven hier is simpel. Make-up en spiegels zijn overbodig, evenals mooie kleding. Iedereen draagt hetzelfde. Heerlijk hoe het uiterlijk hier zo weinig te zeggen heeft. En tegelijkertijd een uitdaging: ik voel me kaler zonder mascara en ik voel me een hobbezak in deze vormloze kledingstukken. Het is een kunst om tevreden te blijven met mezelf nu ik geen kans heb om mijn persoonlijkheid uit te mogen drukken met eigen kleding, accessoires en woorden. Ik douche met een ton koud water van waaruit ik water over mezelf heen schep. Eten doe ik twee keer per dag, een beetje rijst, fruit en groente. Mijn middagklusjes bestaan uit paden vegen, voer snijden voor de vissen en bladeren rapen.

Ik slaap op het dunste matje dat ik ooit zag. Mijn hoofd raakt het matje wanneer de zon onder is en ik sta op wanneer de zon opkomt. En zo gaan de dagen hier voorbij. Ik kan ineens genieten van het kijken naar prachtige vlinders. Vroeger rende ik voor ze weg. Zo simpel als het leven hier is, zo zwaar is het vele zitten. Mijn benen doen pijn, het lijf is stijf maar ik zet door.

Na een week pak ik mijn tas weer in en leg ik de geleende kleding bij de was. Ik bedank iedereen en loop de poort uit. Gemengde gevoelens. Wat een bijzondere week. Het was mooi. Fijn. Leerzaam. Moeilijk. Zwaar. Ik kijk achterom en zie Wat Tam Wua kleiner en kleiner worden. Zo’n vredige, veilige plek. Een plek waar bijzondere mensen al dan niet tijdelijk verblijven.

De praktische modus slaat weer aan. Hoe kom ik van A naar B en waar ik zal gaan slapen? Liftend ga ik terug richting Pai. In de achterbak van een truck zit ik tussen kilo’s bananen. De wind strijkt langs mijn gezicht, ik zie de prachtige natuur van Thailand en voel me intens gelukkig.

IMG_6525

IMG_6538

IMG_6548

IMG_6551

IMG_6557

IMG_6593

 

 

FacebookTwitterGoogle+PinterestStumbleUponLinkedIn